Omgaan met pesten in de kinderopvang

Pesten is meer dan “een beetje plagen”
16 april 2026

Pesten in de kinderopvang komt vaker voor dan we denken. In vrijwel elke groep zijn kinderen die ermee te maken krijgen, als slachtoffer, pester of omstander. Toch wordt pesten nog regelmatig onderschat. “Ze moeten het zelf oplossen” of “het hoort erbij” zijn uitspraken die we nog vaak horen. Maar pesten is niet hetzelfde als plagen, en de gevolgen zijn veel groter dan we soms denken. Pesten is gedrag dat bewust gebeurt, zich herhaalt en waarbij er sprake is van een machtsverschil. Een kind dat gepest wordt, kan zich vaak niet goed verdedigen. Dat maakt pesten zo ingrijpend.

Wat doet pesten met iemand?

De impact van pesten is groot. Kinderen die gepest worden voelen zich vaak onzeker, bang, verdrietig en eenzaam. Soms gaan ze met tegenzin naar de opvang of trekken ze zich steeds verder terug. Het kan zelfs hun zelfvertrouwen aantasten en invloed hebben op hun ontwikkeling. Wat minder zichtbaar is, maar minstens zo belangrijk, is dat de gevolgen nog lang kunnen doorwerken. Pesten raakt niet alleen het kind dat gepest wordt, maar heeft invloed op de hele groep. Ook pesters en omstanders maken onderdeel uit van dit proces.

Pesten is namelijk een groepsproces. Het ontstaat en blijft bestaan binnen de dynamiek van een groep. Kinderen kijken naar elkaar: wat wordt geaccepteerd en wat niet? Omstanders spelen hierin een belangrijke rol. Door mee te lachen of niets te doen, kan pesten in stand blijven. Tegelijkertijd kunnen juist zij helpen om het te stoppen. Daarom is het belangrijk om te investeren in een veilige groepssfeer waarin respect, vertrouwen en verbondenheid centraal staan.

Binnen de kinderopvang en onderwijs hebben wij hierin een belangrijke rol. Wij begeleiden kinderen in het samen spelen, het maken van keuzes en het omgaan met elkaar. In een Montessori-omgeving krijgen kinderen de ruimte om zelf te ontdekken en verantwoordelijkheid te dragen, passend bij hun ontwikkeling. Door hen serieus te nemen, te luisteren naar wat zij nodig hebben en hen te ondersteunen in sociale situaties, ontstaat er meer begrip voor elkaar en groeit het zelfvertrouwen. Dit draagt bij aan een positieve sfeer waarin minder ruimte is voor pestgedrag.

Wat helpt tegen pesten in de kinderopvang?

Pesten voorkom en stop je niet met één gesprek of regel. Het vraagt om een bewuste en gezamenlijke aanpak. Het creëren van een veilige omgeving, het maken van duidelijke afspraken en het tijdig signaleren van gedrag zijn hierin essentieel. Als pedagogisch professional kun je veel betekenen door bewust te kijken naar de groepsdynamiek, gewenst gedrag te benoemen en kinderen te begeleiden in het omgaan met elkaar. Kleine momenten maken hierbij vaak het verschil: een kind dat zich gezien voelt, een gesprek dat op tijd wordt gevoerd of het geven van ruimte om zelf oplossingen te bedenken.

Aandacht voor pesten

Jaarlijks wordt er extra aandacht besteed aan pesten tijdens de Landelijke Dag tegen Pesten. In 2026 valt deze dag op zondag 19 april. Dit moment biedt een mooie gelegenheid om samen stil te staan bij het belang van een veilige omgeving en om het onderwerp bespreekbaar te maken binnen de opvang en met ouders.

Tot slot

Pesten in de kinderopvang is geen fase waar kinderen “even doorheen moeten”. Het is een serieus probleem dat aandacht vraagt. Door bewust te kijken, te luisteren en samen te werken, kunnen we zorgen voor een omgeving waarin ieder kind zich veilig voelt en zich optimaal kan ontwikkelen. Want uiteindelijk wil ieder kind hetzelfde: gezien worden en zich fijn voelen.

Wat ouders zeggen over Pebbels

Toen Boyd drie jaar geleden begon bij Pebbels, vond ik het vooral een fijne, rustige plek die ook nog eens in de buurt zat. Maar als ik nu naar hem kijk, begin ik pas echt de verschillen te zien tussen Boyd en bijvoorbeeld kinderen van familie of vrienden. Waar hij zelfstandig is, nadenkt over zijn keuzes en vertrouwen heeft in wat hij kan, zie ik dat andere kinderen van dezelfde leeftijd nog veel meer gestuurd worden en niet diezelfde zekerheid dragen. Pebbels heeft hier echt zo enorm aan bijgedragen, ik kan het elke ouder alleen maar aanraden. Boyd durft, probeert en leert omdat hij het zelf wil. ” Heel bijzonder om te zien!

- Lisanne, moeder van Boyd

“Stijn had het moeilijk op andere plekken. Hij dacht snel, stelde veel vragen en raakte gefrustreerd als hij niet serieus werd genomen. We merkten dat hij zich ging aanpassen en minder ging laten zien wie hij echt was. Bij Pebbels was het anders vanaf dag één. Ze herkenden zijn behoefte aan uitdaging, maar zagen óók dat hij eerst veiligheid en ruimte nodig had om echt tot leren te komen. De montessori-aanpak gaf hem die ruimte. Hij kon verdiepen waar hij wilde, maar werd ook geholpen om zijn grenzen te leren kennen. Nu zie ik een kind dat nieuwsgierig blijft, maar ook ontspannen is. Niet meer alleen slim, maar ook in balans. Dat is wat Pebbels voor hem, en voor ons, heeft betekend.”

- Laura, moeder van Stijn

Ik had wel vaker verhalen gehoord over Montessori en hoewel ik het interessant vond, wist ik er niet zoveel van. Sommigen in mijn omgeving waren er erg over te spreken, terwijl anderen juist van mening waren dat kinderen ‘gewoon kind’ moeten kunnen zijn. Dat zette me eerst wel aan het twijfelen, want ik wilde natuurlijk ook geen ‘slechte ouder’ zijn. Uiteindelijk kozen we toch voor Pebbels vanwege de Montessori -visie die zij uitdragen, en ik heb nog geen moment spijt gehad. Vera weet wat ze wil, daagt zichzelf uit en kan écht nog prima kind zijn. Maar waar een ander kind zich frustreert omdat hij zijn eigen jas niet aankrijgt en moet wachten totdat mama of papa hem helpt, doet zij dit zonder moeite. Er was zelfs een vriendinnetje van Vera uit de buurt die, nadat ze Vera haar eigen jas had zien aantrekken, het ook wilde kunnen. Het is dus niet zo geforceerd zoals sommigen denken. Kinderen willen dingen juist heel graag zelf doen, maar je moet ze wel de juiste handvatten geven om dit zelf te kunnen ontdekken.

- Arunan, vader van Vera